Aanmelden


U bent hier: Home > Afdelingen > Middelbaar > Bovenbouw
Algemeen

Negende klas

Tiende klas

Elfde klas

Twaalfde klas

Dagindeling

Lessentabel



Bovenbouw

Vanaf de negende klas is de puberteit duidelijk ingezet en gelden andere opvoedkundige instappen. Nu worden het abstractievermogen, de oordeelsvorming en de groeiende zelfstandigheid ten volle aangesproken. Een gezond oordeelsvermogen stelt als voorwaarden: een zorgvuldige waarneming, een verdere scholing van het innerlijk beeldend vermogen en een helder denken.

Met de puberteit wordt de muur die de eigen binnenwereld veilig afbakent voor de buitenwereld doorbroken en brokkelt dan langzaam verder af. De jongere komt nu tegenover de naakte werkelijkheid te staan en wil die werkelijkheid van binnenuit, vanuit zichzelf veroveren. Het heeft in zijn eigen centrum een wereldje leren kennen waarop elk gebeuren betrokken wordt en van waar alles uitgaat: het eigen ik. De jongere zoekt zijn plaats in de buitenwereld maar wil deze wereld evengoed omvormen naar zijn eigen normen.

Opvoeden betekent nu juist het kind en de jonge mens zo begeleiden in zijn ontwikkeling dat hij een innerlijk vrij en zelfstandig wezen wordt, dat in staat is verantwoordelijkheid voor zijn eigen handelen te nemen, ook in moreel opzicht. Waar het dus op aankomt is aan elk kind de kans te geven de mogelijkheden waarover het beschikt zo goed mogelijk te laten ontplooien. Dan groeit het immers op tot een mens die in staat is om in de samenleving waarin hij of zij terecht gaat komen, zelfstandige keuzes te maken, te oordelen en de eigen begaafdheden in te zetten en verder te ontwikkelen.

In de puberteit heeft het kind nog steeds grenzen nodig. De opvoeder, ouder of leerkracht, kan het respecteren van deze grenzen niet meer autoritair vragen. Discussie en argumentatie zijn nu aan de orde. Een dag in het leven van een puber lijkt soms één aaneenschakeling van kritiek. En dat is gezond, want op die manier leren pubers hun eigen standpunten bepalen. Voor de leerkracht is het een moeilijke fase. De puber is zeer veeleisend i.v.m. kennis, kundigheid en moraliteit van hun leraar. Gevoel voor humor is een pedagogische hulp om al te scherpe kritiek te doorprikken.