Veelgestelde vragen
Hieronder vindt u het antwoord op een aantal vragen die ons vaak gesteld worden.
-
Zijn alle soorten leerlingen (dus leerlingen die nu in een beroeps of technische richting bevinden) welkom op deze school?
Of moeten ze een speciaal attest kunnen voorleggen?
De enige formele voorwaarden om zich bij ons in de zevende klas (1e jaar secundair onderwijs A-stroom) in te kunnen schrijven zijn:
- in het bezit zijn van het getuigschrift van basisonderwijs
- het pedagogisch project van de school onderschrijven
- zich akkoord verklaren met het schoolreglement.
In de vestiging De Es in Berchem kunnen ook leerlingen terecht in de B-stroom, zonder daartoe een getuigschrift van basisonderwijs nodig te hebben.
Vanaf de negende klas (3e jaar secundair onderwijs) hebben wij binnen onze vestiging in Gent enkel ASO. Dus:
een kandidaat-leerling moet dan in het bezit zijn van een attest dat vanuit het vorig schooljaar toegang verleent tot ASO, richting steinerpedagogie.
In de vestiging in Lier bestaat ook een BSO-richting: Duurzaam Wonen.
-
Hebben de leerkrachten een speciale opleiding genoten? Welke?
Leraren met een standaard opleiding kunnen bij ons aan de slag. Het is wel zo dat wij van alle leraren, en zeker van de starters,
nascholing verlangen in de steinerpedagogie. Zo voorziet de Federatie van Vlaamse Steinerscholen een adequaat vormingsaanbod.
-
Komt het lessenrooster overeen met een lessenrooster dat leerlingen uit het ASO volgen (is het even lang, hoe lang duren de lesuren dan wel)? En de stof die men krijgt?
Onze richting in Gent is een ASO-richting en voldoet dan ook aan die norm. Het aantal lesuren (van 50 minuten, soms gegroepeerd per twee) is vergelijkbaar met andere ASO-richtingen. Als men de wekelijkse agenda van onze leerlingen vergelijkt met het rooster in andere ASO-scholen dan vallen twee zaken bijzonder op:
- Sommige vakken (zoals aardrijkskunde, chemie, fysica, geschiedenis, literatuur …)
zijn georganiseerd in ochtendperiodes: 3 weken na elkaar start elke weekdag met twee lesuren
van het zelfde vak: bijvoorbeeld 3 weken aardrijkskunde en nadien 3 weken poëtica …
- Opvallend bij de vergelijking is het rijke aanbod aan kunsten
- 5,5 lesuren plastische kunstvakken zoals tekenen, schilderen, boetseren, steenkappen … of ambachten zoals weven en boekbinden
- 2 uren muzikale opvoeding en 1 uurkoorzang voor bijna alle klasgroepen
- In 4 jaren van de 6 worden klastonelen voorbereid en opgevoerd
Omdat wij principieel uitgaan van een spiritueel mensbeeld hebben de steinerscholen hun eigen eindtermen bedongen.
Binnen de cognitieve vakken wijken die, wat leerinhouden betreft, niet erg veel af van een andere ASO richting.
Zo biedt onze hoogste graad 2 uren Engels, 3 uren Frans (+ mogelijk optie-uur) en 4 uren wiskunde (+ mogelijk optie-uur).
Men kan geen kennisverwerving verwachten in deze vakgebieden zoals in ASO-richtingen die meer uren daarvoor inrichten.
Het pedagogisch project van de steinerscholen wil echter voldoende tegengewicht bieden aan al te cognitieve eenzijdigheid.
Dit uit zich niet alleen in de veelzijdigheid van het lessenpakket met een ruime plaats voor kunstvakken. Ook als men onze eindtermen van
cognitieve vakken doorneemt merkt men een grote nadruk op competenties en vaardigheden naast kennis en inzicht. De leerstof dient de
persoonlijkheidsontwikkeling: ontplooiing van de unieke kenmerken in elke persoon: zijn denkwereld, gevoelens en wilskracht.
-
Is een overschakeling naar het gewoon middelbaar onderwijs mogelijk?
Ja! De regels voor het instappen of overschakelen van studierichting zijn gewoon van toepassing zoals in een andere ASO-richting. Uiteraard zal er een aanpassing nodig zijn en zal veel afhangen van de motivatie en de eigen capaciteiten van de leerling.
-
Moet mijn kind kunstzinnig begaafd zijn om aansluiting te vinden? Moet het muziekschool of tekenles volgen?
Nee! We trachten te vertrekken van wat het kind op dit gebied reeds kan. De leerling moet wel interesse hebben en graag kunstzinnig bezig zijn.
-
Hebben leerlingen die uit de steinerschool(middelbaar) komen dezelfde capaciteiten meegekregen als
leerlingen uit ASO, TSO, BSO, KSO? Kunnen ze naadloos naar een hogere school of unief gaan?
De trajecten van onze leerlingen zijn zeer verscheiden. Velen hebben probleemloos hogere studies
(eventueel aan de universiteit aangevat). Voor sterk wiskundige richtingen (zoals ingenieursstudies)
moet men zich persoonlijk extra voorbereiden, eventueel met een tussenjaar.
-
Welk getuigschrift of diploma krijgen de leerlingen op het einde van het middelbaar?
De leerlingen krijgen dezelfde getuigschriften als in een andere erkende, gesubsidieerde school, onder dezelfde voorwaarden
(de eindtermen halen). Na de twaalfde klas (laatste jaar secundair onderwijs) kunnen ze naar een hogeschool of universiteit.
Zie ook getuigschriften.
-
Liggen de accenten in een steinerschool meer op de sociale vaardigheden of ligt de nadruk meer op kennis?
Kennis is zeker niet het enige streefdoel. Het accent ligt op een harmonieuze ontwikkeling waarbij evenwicht wordt gehouden tussen
heldere denkcapaciteiten, een rijk gevoelsleven en een krachtige wil. Interesse in de wereld en de medemens zijn uiteraard belangrijk
en sociale vaardigheden moeten ontwikkeld worden om je eigen levensmissie waar te kunnen maken.
-
Is het voor leerlingen die uit een lagere steinerschool komen mogelijk om in het middelbaar aan te sluiten
bij een ASO school? En zo ja moeten ze daar specifieke testen voor afleggen of extra opleiding voor volgen?
Zonder bijkomende test of extra opleiding kunnen leerlingen uit een lagere steinerschool aansluiten bij een secundaire school van willekeurig allure.
-
Kan u voor ons het systeem van een steinerschool beschrijven?
Men kan moeilijk spreken van een systeem. De begeleiding van jonge mensen is godzijdank geen programmeerbare kwestie.
De levendige ontmoeting van jongeren en volwassenen is van het grootste belang. Leraren die enthousiast zijn in hun vak en oog hebben
voor de individuele vragen en verlangens van elke leerling kunnen het best een gezonde ontwikkeling ondersteunen. Een steinerschool is geen
methodeschool. Men heeft elders geprobeerd om de ‘technieken’ uit ons onderwijs over te nemen, zonder de fundamenten
(de wijze waarop we naar de mens kijken). Deze reductie van de steinerpedagogie levert geen succesvolle resultaten.
Het lessenaanbod en de organisatie van de lessentabel vormen maar één facet. Er wordt veel beroep gedaan op
persoonlijke verwerking. Daarom wordt er veel genoteerd en relatief weinig gebruik gemaakt van handboeken. We proberen de leerstof niet
enkel met ons hoofd te vatten maar ook vanuit het gevoel te beleven. Bij de beoordeling spelen ook inzet en verbinding een rol.
-
Wat zijn de voordelen en de nadelen van een steinerschool?
De voordelen van onze school hangen samen met het gezonde evenwicht dat steeds betracht wordt. Er wordt niet alleen gevraagd naar
wat men allemaal zal kennen en weten op het einde van de rit. Er wordt minstens zoveel belang gehecht aan vermogens om zich liefdevol
te kunnen verbinden met de omgeving. De waardering voor ieders unieke persoonlijkheid zorgt voor leerlingen die met gezond eigengevoel
de wereld kunnen intrekken. Zo bouwen onze oud-leerlingen heel verschillende levenstrajecten uit. Sommigen kiezen een maatschappelijke
richting, anderen eerder kunstzinnig, sommigen kiezen een wetenschappelijke studie.
Onze kunstvakken, die meer omkadering vragen, worden binnen het ASO onvoldoende gesubsidieerd (in vergelijking bijvoorbeeld met analoge vakken
in het KSO). Zulke wettelijke beperkingen zorgen ervoor dat onze school duurder is dan normaal. Ouders dragen vrijwillig bij aan de
Oudervereniging om het onderwijs van hun kinderen te helpen mogelijk maken. Verder heeft onze oriëntatie op zelfstandig
noteren als gevolg dat de Nederlandse taal sterk moet beheerst worden, wil men slagen in de cognitieve vakken. Dit stelt een handicap aan
anderstaligen. Zo mist de school een stuk van de veelkleurigheid die in onze samenleving voor handen is.
-
Op internet hebben wij gevonden dat een steinerschool niet of weinig gesubsidieerd wordt.
Houdt dit de ontwikkeling van de kinderen tegen? Is daardoor de kostprijs voor de ouders groter? Hoe vullen jullie de
financiële leegte die andere scholen vullen met subsidies? (Kunnen jullie bijvoorbeeld niet op schoolreis gaan?)
Wij krijgen nog ruime subsidies, die echter niet volledig de kosten kunnen dekken. Dit komt onder andere door extra opsplitsing van de
klasgroepen. In de kunstvakken is dit bijvoorbeeld onvermijdelijk. In het KSO houdt de subsidieregeling daar rekening mee, niet in het
ASO, waar wij toe behoren.
Neem nu personeelskosten. Ruim 4/5 van alle uren personeel wordt door de overheid gefinancierd. De rest wordt bijgepast
door de Oudervereniging. Leraren werken ook soms een uur pro Deo. Verder zijn er lucratieve acties zoals een jaarlijkse geschenkenbeurs (‘Bazar’)
die geld in het laatje brengen.
Dit financieel plaatje is geen belemmering voor de organisatie van uitstappen en schoolreizen.
|